Botjes d'Artagnan niet teruggegeven: inspectie en politie bij archeoloog langs
In dit artikel:
Archeoloog Wim Dijkman is door de Erfgoedinspectie en politie benaderd nadat hij vorige week zelf uit München mogelijke resten van d’Artagnan naar Nederland had gehaald. Het gaat om een bovenarmbeen en twee vermalen tanden, die in maart bij opgravingen in de kerk van Wolder werden aangetroffen en waarvan DNA-onderzoek in München moet uitwijzen of ze inderdaad van de Franse musketier zijn.
Dijkman zegt dat hij begin mei (rond 6 mei) naar München reisde om de specimens op te halen via contacten van de d’Artagnan-kenner Thomas Samek; het onderzoek werd aanvankelijk pro bono uitgevoerd door het Institut für Gerichtsmedizin in München. Vanaf het begin was Dijkman betrokken bij de vondst in Wolder: hij deed de opgravingen, documenteerde ze en nam de eerste monsters voor het DNA-onderzoek, voordat de gemeente bij de zaak betrokken raakte.
Volgens Dijkman waren de vondsten veilig opgeborgen toen inspecteurs en agenten bij hem aanklopten. Hij benadrukt dat hij professioneel heeft gehandeld en niets heeft achtergehouden; hij verzet zich tegen wat hij ervaart als een buitenproportionele, bijna beschuldigende behandeling en zegt dat hij juridisch in actie zal komen als er een proces-verbaal of andere officiële maatregel volgt. Dijkman stelt ook dat de gemeente Maastricht niets heeft gefinancierd voor de terughaalactie en dat het idee om de botten per post te versturen onacceptabel en te riskant was.
De Erfgoedinspectie weigert inhoudelijk commentaar zolang het onderzoek naar de opgravingen duurt; de gemeente Maastricht heeft nog niet gereageerd. Resultaten van het DNA-onderzoek zijn nog niet bekend.
Achtergrond: de vermeende resten werden in maart in Wolder aangetroffen; identificatie door DNA moet duidelijkheid geven over de herkomst en eventuele historische betekenis (d’Artagnan overleed in de 17e eeuw en wordt vaak in verband gebracht met Maastricht).