Noord- en Midden-Limburg speurt naar verborgen daklozen: 'aanpak hierop afstemmen'
In dit artikel:
Noord- en Midden-Limburg doet dit jaar voor het eerst mee aan de landelijke ETHOS-telling naar dak- en thuisloosheid. Op 12 mei inventariseren meer dan 800 organisaties tegelijk — van straatteams en opvanginstellingen tot ggz-organisaties, woningcorporaties, buurthuizen en kerken — hoeveel mensen zonder vaste woonplek zijn en in welke leefomstandigheden zij verkeren. De telling is opgezet door Hogeschool Utrecht en Kansfonds en gebruikt de Europese ETHOS-typologie om categorieën van dak- en thuisloosheid systematisch in kaart te brengen.
Gemeenten in de regio hopen met de nieuwe cijfers een realistischer beeld te krijgen van een vaak verborgen problematiek en hun beleid en hulpaanbod beter te kunnen afstemmen; wethouder Marianne Smitsmans fungeert als regiowoordvoerder. Een opvallend knelpunt in Noord- en Midden-Limburg is het grote aantal dakloze arbeidsmigranten: zodra het werk stopt, valt vaak ook de huisvesting weg, waardoor deze groep extra kwetsbaar is.
Het is de vierde landelijke telronde; eerdere tellingen worden gebruikt om lokaal beleid aan te scherpen. Vorig jaar bleken de cijfers in de Westelijke Mijnstreek slechter dan verwacht. De uitkomsten van deze vierde ETHOS-telling worden op 9 december bekendgemaakt; volgens de organisatoren bieden vier telrondes inmiddels een betrouwbaar nationaal beeld van dak- en thuisloosheid.