Examen klaar? Voor docenten begint de marathon nu pas

dinsdag, 19 mei 2026 (07:49) - L1 Nieuws

In dit artikel:

Koos Franssen, docent Nederlands aan het Venlose College Den Hulster uit Tegelen, zit middenin de nakijkperiode van het eindexamen Nederlands. Het beoordelen van proefwerken kost hem gemiddeld ongeveer een uur per leerling; nadat hij zijn eigen klas heeft nagekeken, fungeert hij vaak als tweede corrector voor een andere school, wat betekent dat avonduren en soms het weekend gevuld zijn met nakijkwerk.

Het nakijken van een taaldossier vereist meer dan het afvinken van vaste antwoorden: Franssen benadrukt dat taalvragen interpretatiegevoelig zijn en dat je bij elk antwoord moet nagaan of een leerling de tekst werkelijk heeft begrepen. Daarom wordt gewerkt met een correctiemodel, maar toch blijft beoordeling spanningsveld tussen objectiviteit en nuance. Een goede examenvraag moet helder en eenduidig zijn, zodat leerlingen niet in verschillende richtingen gaan interpreteren; anders leidt dat snel tot discussies tussen eerste en tweede corrector. Als de tweede corrector het niet eens is met een goedgekeurd antwoord, wordt er overleg gevoerd om tot een gezamenlijke afweging te komen — altijd met het belang van de leerling voorop, want een punt kan het verschil betekenen tussen slagen en herkansen.

Franssen deelt ook praktische observaties: er duiken wel eens onbedoeld grappige antwoorden op die natuurlijk niet meetellen voor punten, en die worden onder collega’s uitgewisseld. In zijn lessen probeert hij de stof aan te sluiten bij de belevingswereld van leerlingen — voorbeelden zijn debatten in het vijfde jaar vwo waarbij studenten zelf bronnen zoeken en onderwerpkeuzes maken die de motivatie vergroten.

Nieuw in zijn lespraktijk is het experimenteren met artificiële intelligentie: een mondeling over AI liet volgens hem zien dat taalmodellen slechts oppervlakkig antwoorden kunnen geven, omdat ze geen boeken “gelezen” hebben en vooral putten uit beschikbare online informatie. Dat levert gemiddeld klinkende, maar niet diepgaande antwoorden op.

Het hoogtepunt van de examenperiode voor Franssen blijft het horen dat zijn leerlingen geslaagd zijn. De dubbele correctie, zorgvuldige vraagformulering en collegiaal overleg moeten ervoor zorgen dat die uitslag zo eerlijk mogelijk tot stand komt.