Frans Bastiaens wilde bouwen aan Maastricht, maar werd zelf onderwerp van debat

donderdag, 18 juni 2026 (07:34) - L1 Nieuws

In dit artikel:

Frans Bastiaens, 65, die de afgelopen vijf jaar een van de meest zichtbare wethouders van Maastricht was, heeft deze week besloten zijn bestuurlijke loopbaan te beëindigen, nog voordat een nieuwe bestuursperiode van start gaat. Bastiaens speelde een prominente rol in dossiers rond stadsontwikkeling, cultuur, het sociaal domein en regionale samenwerking en stond bekend om inhoudelijke gedrevenheid en dossierkennis.

Zijn politieke loopbaan begon in 2010 bij de PvdA, waar hij uitgroeide tot fractievoorzitter tot september 2017. Kort daarna verlegde hij zijn koers naar de Senioren Partij Maastricht (SPM). In maart 2021 volgde hij Jim Janssen op als wethouder; bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 leidde hij SPM als lijsttrekker naar de grootste partij van Maastricht. Als wethouder zette hij in op meer woningbouw binnen de bestaande stad, regionale afstemming van woonlocaties in Zuid-Limburg en een eerlijkere verdeling van sociale huurwoningen. Ook armoedebestrijding en culturele projecten behoorden tot zijn prioriteiten.

De laatste jaren verschoof de aandacht echter vaker van zijn beleidsinhoud naar zijn persoon. Discussies over cultuursubsidies — onder meer steun aan de Nederlandse Dansdagen — en een gemeentelijke bijdrage van 100.000 euro aan een televisieproductie rond Kerst op het Onze Lieve Vrouweplein trokken veel kritiek, waarbij Bastiaens vaak centraal stond. Begin juni kwam daar de controverse rond de opgraving in de Sint-Petrus-en-Pauluskerk in Wolder bij: mogelijk verstoorde opgravingen van resten die in februari als die van d’Artagnan werden bestempeld, en er waren signalen dat de gemeente pas laat ingreep.

Een extern onderzoek naar de bestuurscultuur in het stadhuis schetste een dubbel beeld: een ambitieuze, inhoudelijk sterke bestuurder maar ook iemand die door sommigen als dominant, emotioneel en onvoorspelbaar werd ervaren. Bastiaens erkende dat zijn gedrevenheid soms een valkuil kon zijn. Politiek kon hij die discussies grotendeels pareren, maar persoonlijk merkte hij dat de rek eruit was: het debat ging steeds minder over de stad en meer over hemzelf. Hij stelde dat Maastricht “gebaat bij een nieuwe start” was en besloot, met naar eigen zeggen pijn in het hart, geen nieuw wethouderschap te aanvaarden.

Met zijn vertrek verliest Maastricht een bestuurder die in korte tijd veel heeft vormgegeven, maar ook iemand van wie de stijl en individuele betrokkenheid evenzeer het publieke debat bepaalden. Daarmee sluit het hoofdstuk Bastiaens op een paradoxale manier: hij wilde dat het over de stad ging, maar werd uiteindelijk zelf onderwerp van de discussie.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside Oranje: Van Hecke over jeugdclubs die geld verdienen aan transfer: 'Arnemuiden schiet helaas net te kort'