'Gemeente dacht mee over plannen mega-attractie, maar constateert ook gebreken Wilhelminatoren'

vrijdag, 27 maart 2026 (19:49) - L1 Nieuws

In dit artikel:

In juli 2014 stelt een constructeur van de gemeente Valkenburg aan de Geul bij inspectie ernstige constructieve gebreken vast aan de Wilhelminatoren (een rijksmonument bij de Heunsbergerweg/Cauberg). Met name een dragende stalen balk onder de bovenste verdieping is ernstig gecorrodeerd; de constructeur waarschuwt dat die balk na verloop van tijd zijn draagkracht volledig kan verliezen en dat bij breuk vloeren en trappen zouden kunnen instorten. De gemeente geeft eigenaar Paul Geenen schriftelijk een termijn van één maand om de gebreken te herstellen, maar herstelmaatregelen vinden niet plaats en handhaving blijft uit.

Tegelijkertijd werken de toreneigenaren, broers Paul en Roy Geenen, aan een ambitieus plan voor een boomkroonpad: een verhoogd wandelpad van palen vanaf de Cauberg naar de Wilhelminatoren, ontworpen door Duitse architect Josef Stöger en met betrokkenheid van Erlebnis Akademie, die dergelijke attracties in Duitsland exploiteert. In een kleurenbrochure en berekeningen werd gerekend op mogelijk circa 150.000 bezoekers per jaar om zo extra inkomsten te genereren voor het dure onderhoud van het monument. Gemeenteambtenaren en burgemeester Martin Eurlings reisden in april 2014 mee naar vergelijkbare projecten in Zuid-Duitsland; die oriëntatiereis is volgens een deelnemende ambtenaar door de gemeente betaald.

Hoewel de gemeente bij een SAM-overleg (Steunpunt Archeologie en Monumentenzorg) in oktober 2014 het plan presenteert — zonder dat daar tegelijkertijd over de onderhoudssituatie van de toren wordt gesproken — blijft essentiële documentatie over het onderhoud en over besluitvorming grotendeels afwezig in het gemeentearchief. De eigenaar zegt dat hij eigen onderzoek (onder meer een inspectie door Nijsten Engineering) heeft laten uitvoeren waaruit zou blijken dat de toren niet onveilig was; dat rapport kan de gemeente echter niet terugvinden en Geenen gaf er vorig jaar geen inzage in.

De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) gaf in maart 2015 aan dat een attractie wel bij het toeristische profiel van Valkenburg zou passen, maar ontried het idee om de toren zelf te omwikkelen met een wandelpad; een alternatieve variant met een tweede, nieuwe toren halverwege werd wel als optie gezien. Uiteindelijk strandde het project: in het voorjaar van 2017 trok Erlebnis Akademie zich terug omdat het economisch niet haalbaar bleek; Geenen zegt dat er nooit een vergunningstraject is gestart.

Huidig burgemeester Daan Prevoo zegt verrast en "verbijsterd" te zijn dat de gemeente destijds zo betrokken was bij het commerciële initiatief en tegelijkertijd naliet te handhaven op onderhoudsgebreken. Prevoo wijst op het ontbreken van een volledig dossier in de archieven en stelt dat destijds een integriteitstoets had moeten plaatsvinden om belangenverstrengeling te voorkomen. Oud-burgemeester Eurlings én meerdere voormalig wethouders kunnen zich memo’s en besluitvorming niet helder herinneren; Eurlings zegt aanvankelijk geen concreet plan gezien te hebben, maar er bestaat beeldmateriaal waarin hij met de plannen te zien is.

De gemeente deed in augustus vorig jaar aangifte tegen Geenen Holding wegens ‘structureel nalaten van onderhoud’. Het Openbaar Ministerie wacht op het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) over de instorting van de toren voordat het besluit over eventuele strafrechtelijke stappen neemt. Burgemeester Prevoo erkent dat de gemeente fouten heeft gemaakt en zegt te willen leren van de komende OVV-aanbevelingen; alle bevindingen worden gedeeld met de Onderzoeksraad.

Kortom: in 2014 lagen twee sporen naast elkaar — een ernstig gehandhaafd handhavingssignaal over de constructieve staat van de Wilhelminatoren en tegelijkertijd een gemeentelijk meewerkendheid aan een commercieel toeristisch plan van de eigenaar — terwijl essentiële rapporten en besluitvorming in de gemeentelijke dossiers ontbreken. Dit heeft geleid tot vragen over bestuurlijke terughoudendheid, toetsing op integriteit en de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor het onderhoud van een rijksmonument.