Textielkunstwerk van 35 meter wordt geen boetekleed maar ook niet minder pijnlijk

zondag, 26 april 2026 (11:20) - L1 Nieuws

In dit artikel:

Initiatiefnemer Ricardo Burgzorg startte twee jaar geleden het landelijke project Draden van ons Nederlandse slavernijverleden: een gezamenlijk geborduurd wandkleed dat regionale sporen van slavernij in beeld brengt. Het eerste stuk ontstond in Groningen (35 m x 2,5 m) waaraan ongeveer 400 inwoners meewerkten; inmiddels rol het project door het hele land en donderdagochtend vond de Limburgse aftrap plaats in het Limburgs Museum in Venlo. De organisatie ligt bij stichting Villa Maecenatis.

Burgzorg liet zich inspireren door het wereldberoemde Tapijt van Bayeux als vorm: een lang, verhalend textiel waarop geschiedenis zichtbaar en bespreekbaar wordt zonder die mensen op te dringen. Het doel is vooral het samen maken: veel deelnemers komen niet uit historisch onderzoek, maar raken in gesprek tijdens het borduren en zo ontstaat bewustzijn en reflectie over het verleden.

Ontwerper Quinn Zeljak kreeg ruimte voor een uitgebreid beeldverhaal, maar moest keuzes maken en werkte nauw samen met historisch onderzoek, onder meer van Dr. Diana Miryong Natermann (Maastricht University). Hoewel de VOC en WIC vooral aan Noord-Holland en Zeeland worden gekoppeld, heeft ook Limburg concrete verbindingen met slavernij: voorbeelden zijn de Maastrichtse notabele Ephraim Pichot, het met plantage-erfenis gefinancierde Huize Blankenberg (Susanne de Plessis) en de familie Liedel van Kasteel Well die rijkdom vergaarde in voormalig Nederlands-Indië.

Het wandkleed van 35 meter wordt in twee à drie maanden gemaakt; deelnemen is gratis en laagdrempelig — technieken als borduren, quilten, punchen en tuften worden op locatie aangeleerd door specialisten. Artiest Cedric Kenti (Cetje) leverde tekst voor het kleed en benadrukt dat de thematiek direct raakt aan afkomst en identiteit van veel deelnemers: kennis over het slavernijverleden vormt een deel van persoonlijke roots. Locaties in Limburg waar je kunt meedoen zijn onder meer het Limburgs Museum, Bonnefanten en Textiel Innovatie Maastricht, naast andere lokale partners.