In ons land verdwijnen overal bushaltes, Limburg kreeg er juist bij
In dit artikel:
Terwijl Nederland in zes jaar tijd ongeveer 1100 bushaltes verloor, nam het aantal haltes in Limburg juist toe. Volgens een ANP-analyse van DOVA-gegevens telde de provincie in 2020 2872 haltes, tegenover 3025 in september van dit jaar: een stijging van 153 haltes, oftewel 5,3 procent.
Arriva-woordvoerder Stefan Claessens waarschuwt dat het aantal haltes op zichzelf weinig zegt over de kwaliteit van het openbaar vervoer. Die wordt volgens hem vooral bepaald door bereikbaarheid, reistijd, frequentie, betrouwbaarheid en overstapmogelijkheden. De groei in Limburg hangt vooral samen met wijzigingen in routes en dienstregelingen, waarmee volgens Arriva met dezelfde middelen meer bestemmingen bereikbaar worden.
De landelijke ontwikkeling is vooral zichtbaar in Drenthe en Groningen, waar sinds 2020 meer dan 13 procent van de haltes verdween. Door bezuinigingen worden buslijnen efficiënter en rechter ingericht, zegt mobiliteitslector Paul van de Coevering. Bussen rijden daardoor vaker langs kleine dorpen in plaats van erdoorheen, waardoor reizigers verder moeten lopen en afhankelijker worden van fiets of auto.
Ook binnen Limburg zijn de verschillen groot. In acht gemeenten nam het aantal actieve haltes af; Landgraaf verloor er zes. Maastricht kreeg er 48 bij en Venlo 33. In Mook en Middelaar steeg het aantal van 18 naar 39.
Arriva wil de dekking aanvullen met de gereserveerde Vlinderbus. Dit jaar bedient die in de regio Venray veertien haltes exclusief; volgend jaar worden dat 25 haltes in Venray en Venlo. Daarnaast komen er 48 elektrische lijnbussen en tien kleine elektrische voertuigen bij. Daarmee bestaat de Limburgse busvloot voor ongeveer 70 procent uit elektrische voertuigen.
Vandaag Inside: Johan Derksen: ‘Ik word beroerd van mensen die blijven protesteren tegen Marco Borsato’