Interview: deze man moet de reputatie van Heerlen verbeteren: 'Op de trom slaan voor wat goed gaat'

zaterdag, 30 mei 2026 (08:20) - L1 Nieuws

In dit artikel:

De sociaaleconomische neergang na de mijnsluitingen blijft het dominante beeld van Heerlen: armoede, gezondheidsachterstanden en criminaliteit typeren de stad in veel hoofden. Het stadsbestuur en het Ondernemersfonds vinden dat dit onrecht doet aan recente positieve ontwikkelingen. De nieuwe citymarketingorganisatie Heerlen Partners moet dat imago bijsturen; Olivier Paquay leidt deze organisatie sinds negen maanden.

Paquay werkt vanuit een bescheiden kantoor aan het Maanplein — een voormalige broodjeszaak met een toog die symbool staat voor zijn laagdrempelige aanpak. Hij zoekt het gesprek met inwoners, ondernemers en culturele instellingen vaak informeel, bijvoorbeeld in cafés. Als buitenstaander uit Eijsden ervaart hij Heerlen als open en gastvrij: mensen staan volgens hem klaar voor wie iets wil bijdragen, zonder de afwerende houding die hij elders meemaakte.

Zijn aanpak richt zich op verhalen: door vaker positieve ervaringen te delen moet het negatieve narratief geleidelijk worden bijgesteld. Trots kun je inwoners niet opleggen, maar wel stimuleren door zichtbare successen en aansprekende ervaringen te promoten. Paquay benadrukt dat beeldvorming voortkomt uit talloze kleine en grote verhalen en dat media en inwoners samen bepalen welk plaatje blijft hangen.

Concreet wijst hij op tal van actuele pluspunten. Kulturél gezien is er de afgelopen twintig jaar stevig in geïnvesteerd: het Parkstad Limburg Theater geldt als een toplocatie in Zuid-Nederland; festivals als Cultura Nova en The Notorious IBE trekken publiek; het Nederlands Mijnmuseum en een nieuw Romeins Museum (2028) versterken het aanbod; het Royal Theater krijgt een filmhub. Ook economisch en kennisinhoudelijk boekt Heerlen winst: de Brightlands Campus profileert de regio op data en AI, Zuyd Hogeschool en de Universiteit Maastricht versterken de kenniscapaciteit en studenten zien kansen om maatschappelijk bij te dragen. Daarnaast trekt de woonboulevard jaarlijks miljoenen bezoekers en biedt de regio met 40.000–50.000 banen veel werkgelegenheid, waardoor Heerlen een belangrijke banenmotor in Limburg is.

Tegelijk blijven problemen zichtbaar: Heerlen scoort hoog op lijsten over armoede, laaggeletterdheid, criminaliteit en gezondheidsachterstanden. Paquay erkent die realiteit, maar wil dat de positieve verhalen voortaan vaker de boventoon voeren, zodat journalisten en outsiders niet reflexmatig het oude, negatieve beeld oproepen. Zijn rol is regisserend: hij wil zoveel mogelijk partijen één gezamenlijk, positief verhaal laten vertellen over een open, veerkrachtige en vindingrijke stad.

Paquay noemt de verwerking van het mijnverleden belangrijk, maar vindt dat de aantrekkingskracht voor nieuwe bewoners vooral moet komen van leefkwaliteit, aanbod en kansen. Hij voelt zich gemotiveerd en ziet Heerlen voorwaarts gaan — met de ambitie om inwoners tot ambassadeurs te maken en misschien in 2033 Europees Culturele Hoofdstad te worden.