Limburg voelt niets voor grotere afstandsnorm windturbines
In dit artikel:
De Limburgse provincie wil niet instemmen met een veel ruimere minimale afstand voor nieuwe windturbines. De BBB-fractie in Provinciale Staten stelde voor dat nieuwe turbines minimaal vier keer de tiphoogte van een turbine van woningen moeten staan — de tiphoogte is de afstand van de voet tot de hoogste punt van de wiek. In de door het college voorgestelde omgevingsvisie geldt nu ongeveer 1,25 keer de tiphoogte als norm, wat in de praktijk neerkomt op circa 350 meter; een viermaal-norm zou dus ruim een kilometer betekenen.
Gedeputeerde Michael Theuns benadrukte dat de provincie niet primair met tiphoogten werkt maar vooral met afgebakende "uitsluitingsgebieden" waar geen turbines mogen komen, bijvoorbeeld vanwege woningdichtheid, landschappelijke waarden of de geplande Einstein Telescoop in Zuid-Limburg. Voor elke nieuwe turbine is bovendien een plan‑MER verplicht om effecten op milieu en leefomgeving te onderzoeken.
Provinciale Staten stemden vrijdag in met de nieuwe omgevingsvisie. Die bevat ook maatregelen die landbouw in bepaalde gebieden prioriteren boven woningbouw en regels om te voorkomen dat arbeidsmigranten op bedrijventerreinen gaan wonen; deze onderdelen worden later dit jaar bindend via de omgevingsverordening.