Meeste gemeenten huisvesten niet genoeg statushouders

vrijdag, 5 juni 2026 (08:49) - L1 Nieuws

In dit artikel:

Nederlandse gemeenten komen veelal tekort in het onderbrengen van vluchtelingen met een verblijfsvergunning (statushouders). Een analyse van ANP op basis van maandelijkse cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken laat zien dat gemeenten volgens de wet samen nog plaats moeten bieden aan 12.049 statushouders; deze mensen verblijven nu vaak nog in overvolle asielzoekerscentra (azc's).

Landelijk gaat het om grote verschillen tussen gemeenten en regio's. In Limburg voldoen alleen Gennep, Venray, Horst aan de Maas en Stein aan hun taakstelling; Leudal, Heerlen en Landgraaf hebben de grootste achterstanden in die provincie. Voor het eerste halfjaar van 2026 hebben gemeenten tot 1 juli de tijd om aan de opgelegde huisvestingsdoelen te voldoen. Provincies — in Limburg dus het provinciebestuur — houden toezicht en kunnen bij herhaald falen ingrijpen.

De woningachterstand vergroot de druk op de 321 COA-locaties: ongeveer een kwart van de bewoners daar, zo'n 19.000 mensen, zijn statushouders die wachten op een regulier onderkomen. Dat drijft ook de kosten op; volgens woningexperts zou een deel van de jaarlijkse uitgaven aan noodoplossingen (zoals tijdelijke opvang op cruiseschepen) beter kunnen worden ingezet om blijvende woningen te bouwen, wat ook starters ten goede zou komen.

De grootste individuele achterstand is in Amsterdam: de hoofdstad zou vóór 1 juli 2.286 statushouders moeten huisvesten, maar bereikte tot nu toe 641 plaatsen, een tekort van 1.645 personen.