Niet-zichtbare klachten hersenletsel vereisen meer aandacht in revalidatie: hulpprogramma op komst
In dit artikel:
Ongeveer 150.000 mensen krijgen elk jaar in Nederland brainletsel — door een beroerte, bloeding of ongeluk — en rond 650.000 mensen leven dagelijks met de gevolgen. Universitair onderzoeker Caroline van Heugten (Universiteit Maastricht) zet nu een hulpprogramma op om herstel van cognitieve klachten na hersenletsel sneller en gerichter aan te pakken. Haar motto: "Hoe sneller we hiermee starten, hoe beter."
Irene Spronck uit Sittard illustreert waarom zo'n aanpak nodig is. Zij kreeg in 2015 een herseninfarct en heeft sindsdien een halfzijdige verlamming. Hoewel de revalidatie veel aandacht gaf aan haar zichtbare beperkingen, bleven onzichtbare problemen — extreme vermoeidheid, overprikkeling, moeite met concentratie en het plannen van energie over de dag — onderbelicht. Deze klachten leveren vaak langdurige beperkingen op in het dagelijks leven, terwijl ze niet meteen zichtbaar zijn voor zorgverleners.
Van Heugten wijst op wetenschappelijk bewijs dat het meeste herstel op cognitief gebied in de eerste maanden na het letsel plaatsvindt. Daarom ontwikkelt haar team een persoonlijke cognitieve oefengids om mensen stap voor stap te helpen dagelijkse activiteiten weer op te bouwen. De vorm hangt af van de doelgroep: het kan een papieren handleiding met foto’s worden of een digitale app. De universiteit is momenteel bezig met crowdfunding om de ontwikkeling te financieren, waardoor de verschijningsdatum nog niet vaststaat.
Doel is duidelijk: eerder en specifieker interventies aanbieden voor de zogenaamde onzichtbare klachten, zodat patiënten minder lang last houden van concentratieverlies, overprikkeling en vermoeidheid en sneller weer functioneren in het dagelijks leven. Voor ervaringsdeskundigen zoals Irene zou zo’n gids veel verschil kunnen maken.