Nieuwe procedure tegen Defensie vanwege chroom-6: 'De regelingen tot nu toe stelden weinig voor'
In dit artikel:
Honderden oud-medewerkers van Defensie stappen opnieuw naar de rechter omdat zij jarenlang zijn blootgesteld aan het kankerverwekkende chroom-6 tijdens onderhoudswerkzaamheden aan Amerikaanse legervoertuigen. De grootste groep werkte tot 2004 op de POMS-depots in Brunssum en Eygelshoven; ook voormalige depots in Vriezenveen, Ter Apel en Coevorden betroffen werknemers. Totaal gaat het om ongeveer 1.850 mensen die in meer of mindere mate met giftige stoffen hebben gewerkt.
Uit onderzoeken, onder meer van het RIVM, blijkt een verband tussen het werk en diverse ernstige gezondheidsklachten. Veel slachtoffers zeggen dat er onvoldoende beschermingsmiddelen waren; velen zijn ziek en een deel is overleden. Volgens initiatiefnemer en oud-werknemer Giel Blom waren op Brunssum rond de 370 mensen werkzaam, van wie een groot deel inmiddels is overleden en naar schatting 80 procent van de overgebleven collega’s gezondheidsklachten heeft.
De afgelopen jaren probeerden betrokkenen via rechtszaken en onderhandelingen erkenning te krijgen. Defensie stelde een coulanceregeling in: de meesten ontvingen eenmalig ongeveer €3.000 tot €5.000, enkelen tot €30.000; tientallen bleven buiten de regeling. Omdat veel rechters in Nederland volgens de eisers te weinig erkenning gaven, voert advocaat Rob Bedaux — die het personeel al meer dan tien jaar bijstaat — de zaak nu aan bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Die stap moet zowel erkenning als ruimere compensatie afdwingen; Bedaux wijst ook op een vergelijkbare uitspraak in Tilburg (NS-personeel), die als precedent kan dienen.
Op een bijeenkomst in Kerkrade bespraken oud-medewerkers, juristen en de vakbond BNMO de vervolgstappen. Slachtoffers benadrukken dat het niet alleen om geld gaat maar vooral om erkenning en gerechtigheid, ook voor nabestaanden van overleden collega’s. Defensie communiceert sinds enige tijd nauwelijks meer over de kwestie; daarom wordt juridische actie als laatste mogelijkheid gezien.