Nu al plukken Limburgse bedrijven vruchten van Einstein Telescoop
In dit artikel:
De plannen voor de Einstein Telescoop leveren Limburgse bedrijven nu al opdrachten op, ook al is het nog onzeker of de enorme detector daadwerkelijk naar de regio komt. Het project voorziet in een driehoek van ondergrondse buizen met elk tien kilometer lange armen waarin zwaartekrachtgolven met lasers gemeten moeten worden. Om die ultraschone, vacuümhoudende buizen en de gevoelige meetomgeving te realiseren, zijn meerdere bedrijven uit de Euregio betrokken.
SBE in Eijsden werkt aan de ontwikkeling van de vacuümbuizen; SAC-Nederland in Kerkrade ontwikkelt apparatuur om een steriele meetomgeving te garanderen en meetdeeltjesafzetting op spiegels. SAC-directeur Paul Weling, die ook voor onder meer NASA, ASML en VDL werkt, benadrukt dat de regio vooruit moet kijken: in plaats van te blijven hangen in discussies over mijnverleden pleit hij voor aansluiting bij projecten als de Einstein Telescoop. Zijn bedrijf werkt aan een systeem om depositie van stof en vezels te meten en wil die meting komende stap continu maken — essentieel omdat zelfs één deeltje op een spiegel een meting kan verstoren.
Onder het project BeamPipes4ET onderzoeken zeven Euregionale partners, onder leiding van RWTH Aken, hoe 500 meter lange vacuümbuizen ondergronds in één geheel geproduceerd en gelast kunnen worden om transport over de weg te vermijden. Betrokken partijen zijn onder meer Aperam, Werkhuizen Hengelhoef, lasbedrijf FEF en SBE.
De beslissing over de locatie valt medio 2027; gedeputeerde Stephan Satijn werkt nu aan het bidbook dat volgend jaar klaar moet zijn. Concurrenten Sardinië en Sachsen hebben zich gebundeld en bieden een alternatieve opstelling (twee L-vormen). Dat maakt de race politiek beladen: als het oordeel puur wetenschappelijk is, zou de Euregio een goede kans maken, maar politieke afwegingen kunnen de uitkomst beïnvloeden.