Provincie Limburg ondersteunt Bioregio Netwerk Nederland

donderdag, 16 april 2026 (17:13) - Provincie Limburg

In dit artikel:

Tijdens de Biobeurs in Apeldoorn is het Bioregio Netwerk Nederland officieel van start gegaan; de Provincie Limburg trad daarbij op als ondersteunend lid. Het netwerk brengt zes volwaardige Bioregio’s, dertien gemeenten, één aspirant-regio en acht provincies samen om lokale biologische landbouw en voedselketens te versterken en onderlinge samenwerking te versnellen.

Een Bioregio is een gebied waarin lokale overheid, maatschappelijke organisaties en private partijen gezamenlijk beleid voeren dat biologische landbouw, voedsel, natuur en gezondheid verbindt. Leden onderschrijven een gemeenschappelijk ambitiedocument met onder meer bestuurlijk draagvlak, een gemeentelijk aanspreekpunt en het uitvoeren van acties op minimaal drie van zeven hoofdthema’s. Limburg heeft nog geen eigen Bioregio’s, maar verwacht dat deelname gemeenten helpt deze ontwikkeling te starten.

Praktische voorbeelden uit aangesloten regio’s tonen uiteenlopende aanpakken: Zutphen ontwikkelt biologische pluktuinen, Amsterdam hanteert een minimum van 25% biologisch bij gemeentelijke cateringaanbestedingen, Eindhoven tekende een intentie voor meer biologisch in bedrijfscatering, Zuid-Veluwe en Greidhoeke werken aan kortere lokale afzetketens, Greidhoeke haalde EU-financiering binnen en Land van Cuijk verankerde 15% biologisch in pachtbeleid.

Gedeputeerde Kuntzelaers noemde deelname voor Limburg een logische stap: “Voor Limburg is dit een logische stap.” Het doel is vraag naar biologisch te vergroten, ketens te verkorten en boeren een beter verdienmodel te bieden; momenteel is ongeveer 3% van het Limburgse landbouwareaal biologisch.

Parallel ontwikkelt de provincie een stimuleringspakket (gesprekken met boeren, ketenpartners, onderwijs en belangenorganisaties afgerond eind maart) gericht op omschakelingsondersteuning, kennis, afzet, samenwerking en investeringsmogelijkheden. Het nationale Actieplan Biologisch ondersteunt het netwerk in de opstartfase, onder meer met een coördinator. De overheid motiveert deze route vanwege de positieve effecten op biodiversiteit en schonere bodem, lucht en water.