Wat als je blind bent, maar er geen geleidehonden meer zijn om je te helpen?
In dit artikel:
KNGF Geleidehonden kampt nog altijd met een tekort aan puppypleeggezinnen, waardoor de wachtlijst voor hulphonden aanzienlijk is gegroeid. Pleegouders zoals Yvette Rossier uit Maastricht vormen de schakel tussen fokker en begeleidingshond: puppy’s verblijven circa een jaar bij een pleeggezin om basiscommando’s en gewenning aan drukke omgevingen te leren, waarna ze een intensieve cursus van enkele maanden volgen en vervolgens worden gekoppeld aan iemand met een visuele of andere beperking.
Door te weinig nieuwe aanmeldingen voor pleegzorg én een achterstand door coronamaatregelen — waardoor trainingen en blootstelling aan markten, horeca en openbaar vervoer niet goed konden doorgaan — lopen de opleidingsroutes vertraging op. Daardoor is de gemiddelde wachttijd opgelopen naar ongeveer twee jaar.
De gevolgen zijn concreet voor mensen als Sander van der Donk uit Berg en Terblijt, die sinds zijn vijftiende volledig blind is en nu al jaren wordt begeleid door zijn labrador Liesl. Liesl nadert haar pensioen (hulphonden gaan na circa acht jaar met rust), en vervanging is onzeker omdat nieuwe pleeggezinnen uitblijven. Voor veel hulpbehoevenden betekent die onzekerheid minder zelfstandigheid en minder mogelijkheden om volledig mee te doen in de maatschappij — iets wat volgens pleegouders vaak herwonnen wordt dankzij een hulphond.
Zolang het aantal puppypleeggezinnen niet toeneemt en de coronagerelateerde achterstanden niet zijn weggewerkt, blijft de druk op KNGF en de wachttijden groot, met directe impact op degenen die afhankelijk zijn van een hulphond.