Venloosche Badhuis Maatschappij wou er vanaf, maar niemand kon de enige openbare wasgelegenheid van de stad overnemen

woensdag, 22 april 2026 (08:04) - Dagblad de Limburger

In dit artikel:

Het badhuis op de hoek van Valuasstraat (nu Mgr. Nolensplein) en de Dwarsstraat was vanaf 1917 niet langer in handen van de Venloosche Badhuis Maatschappij: de aandeelhouders verkochten de inrichting. Die overdracht kwam niet zomaar tot stand; er ging jaren van correspondentie en politieke discussie aan vooraf omdat men vond dat Venlo moet beschikken over een plek waar mensen wekelijks konden wassen.

Al op 29 februari 1904 hield de vennootschap een buitengewone aandeelhoudersvergadering, waarin werd besloten de inrichting te verhuren of te verkopen. Vervolgens bleef de kwestie lang sudderen: pas in juni 1916 vroegen raadsleden H. Dielen, P. Rassaerts en J. Meelkop de burgemeester een raadsvoorstel voor gemeentelijke overname op de agenda te zetten. Een commissie van drie onderzocht de situatie en kwam tot een dubbelzinnige conclusie: zij achtten exploitatie door de gemeente niet wenselijk zolang particuliere gezondheidsverenigingen bereid waren het werk te doen, maar vreesden tegelijk dat anders grote groepen gedurende acht maanden per jaar geen badgelegenheid zouden hebben.

Als mogelijke exploitant kwam het Groene Kruis in beeld; die organisatie wilde de dienstverlening waarborgen maar miste de middelen voor aankoop en renovatie. De commissie adviseerde daarom dat de gemeente zou kopen en het gebouw opknappen, en het vervolgens voor een bepaalde periode door het Groene Kruis zou laten exploiteren. De uiteindelijke beslissing lag bij de gemeenteraad; het verhaal wordt in een vervolg afgerond.