Vijf jaar na hoogwater is burgemeester vernietigend over schade-afhandeling: 'Een ramp na de ramp'
In dit artikel:
Vijf jaar na de verwoestende waterbom die Limburg op maandag trof, klinkt in vooral Valkenburg nog altijd boosheid over de afhandeling van de schade. De hevige regenval zette rivieren, beken en sloten onder water en veroorzaakte voor honderden miljoenen euro’s aan schade; het centrum van Valkenburg kreeg de hardste klap. Burgemeester Daan Prevoo noemt de nasleep zelfs “de ramp na de ramp”, omdat hulpregelingen volgens hem te ingewikkeld waren en mensen daardoor afhaakten.
Volgens Prevoo kregen gedupeerden nooit meer dan 85 procent van hun schade vergoed, waardoor inwoners en ondernemers met een forse restschuld bleven zitten. Vooral de vergoeding voor bedrijven schoot tekort: zij moesten hun omzetverlies aantonen aan de hand van het eerste coronajaar, wat veel aanvragen al bij voorbaat afremde. Daardoor bleef van ruim 20 miljoen euro die het Rijk beschikbaar stelde voor getroffen bedrijven uiteindelijk slechts 5 miljoen daadwerkelijk uitgekeerd. De provincie probeert nu het resterende geld alsnog in Limburg te houden.
Ook andere gemeenten zijn kritisch. Meerssen vindt dat de regeling onvoldoende aansloot op de behoeften van inwoners, en Gulpen-Wittem spreekt van een wet die te ingewikkeld en ontoereikend was. De kern van de kritiek: er was wel geld, maar de voorwaarden maakten het voor veel slachtoffers moeilijk om er echt gebruik van te maken.
Het Oranje Café: Belgische toptrainer solliciteert bij Oranje: 'Ik heb een 100% record met strafschoppen winnen