'Vrech' zijn 'wie straotendrek' is brutaal, maar je moet er wel durf voor hebben
In dit artikel:
In het Venloos dialect leeft het woord vrech als karakteristieke aanduiding voor iemand die brutaal of vrijpostig is — vaak met een licht negatieve bijklank maar ook een tikje stoutmoedig. Het woord kwam via het Duits (frech) in het dialect terecht; in Duitse woordenboeken staat het voor ‘dreist’ en ‘unverschämt’. Taalkundig wordt het teruggevoerd op het Germaanse *freka-, met oudere verwantschappen die soms tot het Grieks worden teruggevoerd, waar een vergelijkbaar begrip van hebzucht en stoutmoedigheid verschijnt. Ook de verwantschap met ‘vrek’ (gierigaard) wordt genoemd.
Cultureel duikt de term op in regionale liederen: de Keulse groep Bläck Fööss verwerkt het in hun bewerkte versie van Highland Cathedral (in het Kölsch een lofzang op de stad), en lokale tekstschrijvers als Wiel Aerts en Ben Verdellen gebruiken het in hun beschrijving van figuren als Sjakie van de Caroussel. Kortom: vrech is een doorslaggevend dialectwoord dat betekenis, herkomst en levend gebruik combineert in zowel dagelijkse omgangstaal als streekcultuur.