Wethouder wist van problemen bij opgraving skelet, maar greep niet in

dinsdag, 2 juni 2026 (12:34) - L1 Nieuws

In dit artikel:

In Maastricht is onrust ontstaan nadat bij de opgraving van het vermeende skelet van d’Artagnan in de Sint-Petrus-en-Pauluskerk (Wolder) ernstige fouten zijn gemaakt. Volgens betrokken bronnen heeft gepensioneerd archeoloog Wim Dijkman begin maart bij het blootleggen van de botresten zo slordig gewerkt dat 50–80% van het materiaal ‘verstoord’ is. Daardoor wordt identificatieonderzoek door onderzoekers (onder meer van Saxion) sterk bemoeilijkt — mogelijk zelfs onmogelijk.

De gemeente zou al op 2 maart informeel op de hoogte zijn geweest van de graafwerkzaamheden, maar pas op 5 maart formeel hebben ingegrepen en de werkzaamheden telefonisch hebben laten stilleggen. Een daadwerkelijke visitatie ter plaatse ontbrak kennelijk, waardoor vragen rijzen wat er tussen 2 en 13 maart is gebeurd en waarom materiaal dat vóór 13 maart uit het graf is gehaald niet goed is vastgelegd.

In de gemeenteraad groeit de kritiek vooral richting wethouder Frans Bastiaens. Oppositiepartijen, waaronder de Sociaal Actieve Burgerpartij en Partij Veilig Maastricht, klagen dat zij slecht of alleen via de pers zijn geïnformeerd en eisen opheldering. Er is extra gevoeligheid omdat Bastiaens volgens bronnen eerder in de kerk is geweest en omdat hij in het verleden politiek nauw betrokken was met Dijkman; beiden stonden bij eerdere verkiezingen op dezelfde kieslijst. Ook eerdere financiële incidenten waarbij Bastiaens betrokken zou zijn geweest, worden door oppositieleden aangehaald als aanleiding voor wantrouwen.

Het kerkbestuur trekt eveneens de rol van de gemeente in twijfel: Dijkman werkte jarenlang als stadsarcheoloog van Maastricht, waardoor verwacht wordt dat de gemeente op de hoogte had moeten zijn van zijn bevoegdheden en werkwijze. In een raadsinformatiebrief bevestigde de gemeente dat onzorgvuldig opgraven en documenteren het identificatieonderzoek vertraagt. Er circuleren ook beschuldigingen dat eerdere communicatie aan de raad door de wethouder is tegengehouden; de gemeente ontkent dit.

Dijkman zelf houdt zich grotendeels op de vlakte en zegt eerst met de onderzoekers te willen overleggen. Zijn verklaring dat hij handelde in opdracht van het kerkbestuur en dat hij “alleen heeft geadviseerd en uitgevoerd” laat de verantwoordelijkheid vooralsnog onduidelijk. De zaak draait nu zowel om de wetenschappelijke gevolgen voor de identificatie als om bestuurlijke verantwoordelijkheid en transparantie binnen de gemeente Maastricht.